Het woonlandbeginsel houdt in dat de hoogte van een uitkering uit een sociale verzekering wordt aangepast aan het kostenniveau van het woonland. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft in een brief aan de Tweede Kamer meegedeeld dat vanaf 1 april 2018 het woonlandbeginsel voor een aantal landen niet meer wordt toegepast. Dat is het gevolg van enkele uitspraken van de Centrale Raad van Beroep over de toepassing van het woonlandbeginsel op uitkeringen van sociale verzekeringen.

Het woonlandbeginsel wordt niet meer toegepast voor inwoners van Argentinië, Belize, Ecuador, Egypte, Filipijnen, Hong Kong, Indonesië, Jordanië, Monaco, Panama, Paraguay, Thailand en Zuid-Afrika. De verdragen met deze landen betreffende de sociale zekerheid bevatten een verplichting tot export van de volledige uitkering. Voor personen met een lopend bezwaar of beroep tegen toepassing van het woonlandbeginsel zal met terugwerkende kracht de toepassing van het woonlandbeginsel ongedaan worden gemaakt. De minister heeft verder laten weten dat zal worden gestart met onderhandelingen om de verdragen aan te passen, met als inzet de mogelijkheid om het woonlandbeginsel toe te kunnen passen.

Ministerie van Sociale Zaken publicatie 2018-0000077155
Thomas Vos

Wilt u meer weten over dit onderwerp?

Neemt u dan contact op met Thomas Vos

06 - 1940 3952 t.vos@hrtbusiness.nl