De Wet aanpak schijnconstructies (WAS) zorgt ervoor dat alle mensen die in Nederland werkzaam zijn, ook daadwerkelijk het loon krijgen waar zij recht op hebben. De wet gaat onderbetaling en uitbuiting van werknemers en bovendien oneerlijke concurrentie tegen. De meeste maatregelen uit deze wet zijn inmiddels ingegaan. Vanaf 1 januari 2017 is het eerder aangekondigde, maar uitgestelde verbod op verrekening en inhouding ingegaan.

 

1. Ketenaansprakelijkheid achterstallig loon

Vanaf 1 juli 2015 geldt er reeds een ketenaansprakelijkheid voor opdrachtgevers voor een juiste uitbetaling van het afgesproken loon. Verricht een werknemer van een andere werkgever in het kader van een overeenkomst van opdracht of aanneming van werk werkzaamheden voor u of leent u een werknemer van een andere werkgever in? Dan kan deze werknemer u hoofdelijk aansprakelijk stellen als zijn formele werkgever zijn loon niet of niet volledig aan de werknemer voldoet. De werknemer zal eerst zijn formele werkgever dienen aan te spreken. Betaalt deze het loon niet (volledig)? Dan kan de werknemer de opdrachtgever aanspreken en als die niet kan betalen diens opdrachtgever, net zo lang tot het eind van de keten bereikt is.

Let op! Vanaf 1 januari 2017 geldt de ketenaansprakelijkheid ook voor de overeenkomst tot het vervoeren en doen vervoeren van goederen over de weg. De werknemer (chauffeur in dit geval) die minder dan het voor hem geldende loon ontvangt, kan daardoor vanaf 1 januari 2017 ook de opdrachtgever voor het vervoer aanspreken.

 

Een rechter zal beoordelen of u als opdrachtgever aansprakelijk bent voor het betalen van het achterstallige loon. U kunt diverse maatregelen nemen om het risico van aansprakelijkheidsstelling te beperken. Zo is het raadzaam om te controleren of u met betrouwbare bedrijven samenwerkt. Denk daarbij aan een check van de inschrijving bij de KvK en bij de Stichting Normering Arbeid (www.normeringarbeid.nl). Ook de beoordeling van de keurmerken (bijvoorbeeld VCA-certificering) en tijdige betaling van loonheffing (verklaring betalingsgedrag Belastingdienst) wordt geadviseerd. Beoordeel tevens of sprake is van een eerlijke prijs en zorg voor een goed contract met duidelijke afspraken over arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden. Leg tot slot de verplichting op om deze voorwaarden ook te laten gelden voor bedrijven verderop in de keten.

 

Let op! De genomen maatregelen bieden geen vrijwaring maar een rechter zal wel eerder geneigd zijn om u niet aansprakelijk te stellen.

2. Verplichte girale betaling van het minimumloon

Vanaf 1 januari 2016 bent u tevens verplicht om minstens het netto wettelijk minimumloon giraal over te maken naar uw werknemer. Het netto wettelijke minimumloon bedraagt over het algemeen het bruto wettelijk minimumloon verminderd met de wettelijke verplichte en toegestane inhoudingen zoals loonheffingen en pensioenpremies. Het bedrag boven het netto wettelijk minimumloon mag nog wel contant betaald worden. Ook het vakantiegeld mag u nog contant betalen.

 

Tip! Uw werknemer heeft de bevoegdheid om een volmacht te verlenen het loon aan een derde te betalen. Ook bij een beslaglegging of loonbeslag kunt u minder uitbetalen dan het netto wettelijk minimumloon omdat deze afdrachten uit de wet voortvloeien.

3. Specificatie van kostenvergoedingen op de loonstrook

Onderdelen van het brutoloon waarvan kan worden aangenomen dat deze betaald worden ter bestrijding van kosten die voor het werk zijn gemaakt (kostenvergoedingen), moeten vanaf 1 januari 2016 al apart op de loonstrook gespecificeerd worden. Deze verplichting geldt niet als het loon exclusief deze kostenvergoedingen meer bedraagt dan het netto wettelijk minimumloon. De verplichting geldt niet voor kostenvergoedingen die u naast het brutoloon hebt afgesproken.

Uit de specificatie moet duidelijk blijken waarvoor de kostenvergoeding bedoeld is. U kunt hiervoor algemene termen gebruiken zoals bijvoorbeeld huisvesting, maaltijden, dienstreizen, et cetera. U hoeft op de loonstrook dus niet te specificeren wanneer maaltijden zijn gebruikt of welke dienstreizen zijn gemaakt. De omschrijving ‘algemene kostenvergoeding’ is echter onvoldoende gespecificeerd.

 

4. Verbod op verrekeningen en inhoudingen

Vanaf 1 januari 2017 mogen geen bedragen meer worden ingehouden op het loon van uw werknemers als u hierdoor minder dan het netto wettelijk minimumloon uitbetaalt. Hetzelfde geldt voor het verrekenen van vorderingen met het loon. Verrekeningen en inhoudingen zijn nog wel toegestaan met bedragen boven het netto wettelijk minimumloon of met vakantiegeld.

 

Let op! Het verbod op inhouding geldt niet voor wettelijk verplichte inhoudingen zoals loonheffingen, de werknemersbijdrage ZVW en het werknemersdeel van de pensioenpremie. Ook maximaal 50% van de premies Whk of WGA mag u inhouden op het netto minimumloon omdat de mogelijkheid hiervoor in de Wet financiering sociale verzekering is opgenomen.

 

Bent u op grond van de cao verplicht een bepaald bedrag in te houden? Dan moet u wel rekening houden met het verbod en mag u niet inhouden voor zover u daardoor minder uitbetaalt dan het netto wettelijk minimumloon. Dit geldt ook bijvoorbeeld voor inhoudingen ingevolge een ANW-gat of WIA-hiaatverzekering, inhoudingen voor een personeelsvereniging en de premie aanvullende zorgverzekering.

Heeft u uw werknemer een voorschot op zijn loon betaald, dan mag u dit voorschot verrekenen, ook als u daardoor minder uitbetaalt dan het netto wettelijk minimumloon. Voorwaarde is dat u de verrekening vooraf schriftelijk met uw werknemer overeen gekomen bent en dat het saldo van het voorschot en de betaling waarop dit voorschot verrekend is minimaal gelijk is aan het netto wettelijk minimumloon.

 

Tip! Het verbod op inhouding geldt ook niet voor een beslag dat gelegd is op een deel van het loon van een werknemer.

 

Voor het huren van een woonruimte, kosten van nutsvoorzieningen en servicekosten verschuldigd aan een verhuurder is een uitzondering mogelijk op het inhoudingsverbod. Voorwaarde hiervoor is dat de werknemer een schriftelijk volmacht aan u verleent, dat de inhouding maximaal 25% van het bruto minimumloon bedraagt, dat een kopie van de huurovereenkomst wordt verstrekt en dat de huisvesting voldoet aan bepaalde kwaliteitsnormen.

 

Let op! De 25% wordt berekend over het bruto wettelijk minimumloon omdat de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag daarvan uitgaat. De betaling van de huisvestingskosten dient echter plaats te vinden uit het netto bedrag dat normaliter uitbetaald zou worden aan de werknemer.

 

Tip! Het verbod op inhouding geldt wel voor de inhouding van huisvesting van gedetacheerde werknemers. Een eventueel door deze werknemers verleende volmacht tot inhouding is nietig.

 

Ook de premie van de basis zorgverzekering en de premie voor herverzekering van het eigen risico kunnen na een schriftelijke machtiging van de werknemer, onder overlegging van een kopie van de zorgpolis worden ingehouden tot maximaal het bedrag van de geschatte gemiddelde nominale zorgpremie (voor 2017 € 1.241 per jaar).

Voor een werknemer met een arbeidsbeperking mogen ook de kosten van nutsvoorzieningen verschuldigd aan een nutsbedrijf en onder meer rioolheffing en waterschapsbelasting worden ingehouden, onder voorwaarde dat de werknemer een schriftelijke volmacht verleent.

 

Tip! De schriftelijke volmacht moet wel aan de wettelijke voorwaarden voldoen. Dit betekent dat het echt moet gaan om een uitdrukkelijke toestemming en dat de werknemer de volmacht op elk moment eenzijdig weer moet kunnen intrekken. Voldoet de volmacht hier niet aan, dan geldt de uitzondering op het inhoudingsverbod ook niet.

 

Meer informatie of vragen

Meer weten over de Wet aanpak schijnconstructies (WAS)? Neem dan contact op met onze specialisten.

Wilt u meer weten over dit onderwerp?

Neemt u dan contact met ons op

040 - 8800 100 [email protected]